We noemen het welvaart
Slechts vijftig minuten duurde het, een reportage over vier Chinezen, uit alle windstreken van hun land, die hun recht op schone lucht, normaal drinkwater of vruchtbare aarde bevechten. Vier mensen die ieder op een eigen manier leven, maar alle vier in slechte condities, vervuiling en armoede. Ze zijn gewend aan hun dagelijks bestaan. Aan het inademen van gifdampen bij noordoostenwind, aan vis die naar benzine smaakt, aan het besproeien van een gortdroge akker in binnen-Mongolie. Vier mensen die verbeten blijven vechten voor hun leefomgeving, ook als hun pogingen bar weinig uithalen. Als individuen dapper en betrokken, doch weinig opgewassen tegen het immense, intimiderende overheidsapparaat. Gifdampen, benzinevis en verloren oogst blijven aan de orde van de dag.
Daar zit ik dan, op de bank, te kijken naar een kastje waar ver-van-mijn-warme-bed-ellende te zien is. Als het me niet aan staat, druk ik op een knopje en verdwijnt de ellende net zo makkelijk. Dan heb ik mijn tv-uurtje weer gehad. Ik schaam me voor onze doorgedraaide welvaart.
Wat is dit voor wereld, waarin wij met z’n allen schijnen te leven? Wat betekent het dat in Netwerk infobesitas in Nederland het belangrijkste onderwerp is? Hoe kan het dat de gemiddelde Nederlander zich druk maakt over of aan het einde van de maand nog wel een I-phone gekocht kan worden zonder dat de vakantie naar Cambodja daar onder te leiden heeft? Zich zorgen moet maken om zijn digitale identiteit, die via de raarste kanalen bestaat en, op het dwangmatige af, om de paar minuten bijgewerkt moet worden?
Dat tegelijkertijd die vier Chinezen, waar er in de realiteit miljoenen van bestaan, leven, werken, ademen, iedere dag weer - om nog te zwijgen van de Gambianen, Russen, Bolivianen, Koreanen, Mexicanen, Vietnamezen - zich dagelijks bezighouden met of ze kunnen ademen, wat nota bene afhangt van de windrichting, of met het bij elkaar rapen van een maaltijd, met het zoeken naar een stukje stof waar mogelijk warmte aan te ontlenen valt?
Mooi en fit met de feestdagen
Wie de krant leest, ontkomt niet aan de vele advertenties. De aandacht trekken in een paar regels, het kan niet gek genoeg, zo lang het maar verkoopt. Een deels roze gekleurde advertentie in Trouw, 14 november, steelt de show. “Tijdelijk krijgt u van Esthetisch Centrum Amsterdam bij een ooglidcorrectie een exclusieve intensieve anti-aging gezichtsbehandeling cadeau bij Schoonheidsinstituut Emmastraat.”
Hier struikel ik over, wat ook iets te maken heeft met de tamelijk exclusieve intensieve zinsbouw. Hoe werkt dit? Met de feestdagen in aantocht en de bijbehorende cadeau-stortvloed kunnen partners nu hun slag slaan, en wij ook, dachten de marketeers van het centrum. Zoiets? Of is het simpeler: zoals het gratis zakje kruidenmix supermarktgangers verleidt tot het kopen van een pastasaus, denkt mevrouw Treurniet haar portemonnee te helpen door acuut de voordelige ooglidcorrectie te nemen. Twee gewilde opwaarderingen in één klap, wat wil je nou nog meer.
Struikel ik nog verder: de krant schaart de advertentie, nota bene als enige, onder de kop “Mooi en fit”. Wie bedenkt dat? Heeft het Centrum der Schoonheden daar extra voor betaald? En nog prangender: wie gelooft er in? Wie zegt in alle oprechtheid tegen zijn vrienden: “Na mijn ooglidcorrectie en de exclusieve intensieve anti-aging gezichtsbehandeling voel ik me een stuk mooier en fitter.”
Ach, wat weet ik van schoonheid en gezondheid. Anno 2009 zijn we maakbaar, we kopen met een verbeterd gezicht een stukje geluk, verder niet zo zeuren. Misschien moet ik de mensen van Esthetisch Centrum Amsterdam bedanken voor hun gulle gebaar in deze crisistijd. Ja, ik denk dat ik de schatten morgen bel. De actie loopt nog maar tot 31 december 2009.